Alleen op de fiets

Acht en een half is hij. Lewis. Stoere, lieve jongen. Bijna altijd braaf. Structureel. Zorgzaam. Verantwoordelijk. Geen type die in zeven sloten tegelijk zal lopen. Hoever kan ik hem al loslaten? 

Alleen buiten spelen

Het begon met alleen buiten spelen. Dat is alweer een poosje geleden. Wij wonen in straat waar alleen bestemmingsverkeer komt en veel kinderen buiten spelen. Hierin durfde ik Lewis al vrij vlot los te laten. Eerst mocht hij alleen tot waar ik kon kijken vanaf ons huis. Niet de bochten om. Ik hoefde me daar geen zorgen om te maken, want ik ken weinig kinderen zo gehoorzaam als dit mannetje. Toch vond ik het spannend. Want wat als hij achter een bal aan zou gaan en een auto niet zou zien die nét iets te hard die bocht door zou gaan? Ik liet het los, dat moest van mezelf. Lewis is geen ‘die hard buiten speel jochie’, dus gelukkig waren deze zorgen er (nog) niet zo vaak. 

Keurig kind 

Wanneer mag je kind alleen naar school? Als een paal boven water stond al lang dat Lewis dat op jongere leeftijd zou kunnen dan zijn zusjes. Zijn zusjes gaan twee bochten om en weten niet meer of ze van links van of rechts kwamen (zo moeder zo dochters), fietsen een paar keer in de week met mij naar huis maar vergeten nog altijd de laatste bocht. Het schiet er ook nog geregeld bij in dat ze rechts moeten blijven en een hand uit moeten steken als ze de bocht omgaan. Lewis daarentegen is hier keurig in, altijd al geweest. Maar toch, wanneer mocht hij dit keurig doen zonder mij?

Alleen naar school 

Ik begon met ‘fiets maar voor me uit’. Trots als een pauw vertrok hij naar school. Zodra hij de eerste bocht door was ging ik er met de meiden achteraan. Steeds hield ik hem in mijn vizier. Keurig. Alles keurig. Hij keek om zich heen, stak bij elke bocht zijn hand uit en bleef netjes rechts fietsen. Na een paar weken keurig zijn wist ik dat ik zoonlief nóg wat losser kon laten. 

Sleutels

We bonden de huissleutel, de sleutel van zijn kettingslot een een plaatje met onze telefoonnummers aan een keykoort. Met dit om zijn nek mocht Lewis alleen naar school (zonder dat ik er als Sherlock Holmes achteraan fietste) en ook alleen weer naar huis. Dit laatste mocht alleen als ook ik naar huis ging of er al was. Ik moest er niet aan denken dat hem iets zou overkomen, hij niet thuis zou komen en ik het niet zo weten. We spraken af dat hij altijd meteen naar huis zou gaan uit school. Wéér spannend en wéér keurig uitgevoerd door onze braverik. 

Steeds verder

Zo lieten we Lewis steeds iets meer los. Alleen van karate naar huis. En later ook heen. Alleen naar de dansschool, die net een stukje verder is. Wéér een stapje verder. Toen hij laatst een volle spaarkaart van de supermarkt had is hij in z’n uppie naar de supermarkt gegaan. De kaart inleveren. Ik had hem meegegeven niet te hard te fietsen, maar niet te treuzelen onderweg. Netjes dankuwel zeggen en absoluut níet bedelen bij andere mensen om meer zegels. En daar ging hij… om nog geen half uur later met een knuffeltje bungelend aan zijn stuurtje terug te komen. Ik weet niet wie er trotser was: hij of ik. Of zijn zusjes die hem en het knuffeltje binnenhaalden alsof hij de marathon had gelopen. 

Kleintjes worden groot

Je groeit erin mee. En bij het ene kind gaat dat groot worden sneller dan bij het andere kind. In mijn geval (en ik denk dat dat bij de meeste moeders zo werkt) maakt me dat op de één niet trotser dan op de ander. De één loopt eerder, de ander praat eerder of is eerder zindelijk. Kinderen kun je niet met elkaar vergelijken. Zélfs een eeneiige tweeling niet heb ik geleerd. Elke mijlpaal is er weer één om trots op te zijn, de volgorde maakt niks uit. En hoewel het trio me het niet altijd even makkelijk maakt, ik mag wel van elke mijlpaal drie keer genieten! 

Wanneer mochten jouw kids alleen naar school, sport of een supermarkt? 

Share